Affichage des articles dont le libellé est Riesa. Afficher tous les articles
Affichage des articles dont le libellé est Riesa. Afficher tous les articles

lundi 10 août 2015

Fietsen langs de Elbe, van Riesa tot Wittenberg




Na Riesa gaat de Elberadweg over de - nieuwe - dijken van de Hochwasserschutz, door de Elbauen. Hier vindt men in zowat elk dorp ooievaarsnesten die in de vele Elbeplassen overvloedig aan de kost komen.
In Duitsland sprak men in 2000 nog over een eventueel ‘jahrhunderthochwasser’, een overstroming die je een keer per eeuw mocht verwachten. Dat eeuwwaterpeil was in 2013 al vier keer overschreden voor de Elbe: in 2002, 2006, 2011 en 2013. De Elbe is vergelijkbaar met de Maas, maar dan in het kwadraat. In de zomer weinig water (behalve dan in augustus 2002, waar het waterpeil tot 9,40 meter steeg, met 4.500 m³ per seconde.
In de zomer 2015 was het juist het omgekeerde: men vreesde de overvaart door de veren niet meer te kunnen garanderen, met 30 centimeter water.
In 2004 stelde men als HQ100 objectief voor de dijken een Pegelstand van 9,24 Meter. Dit is al 16 cm onder de Höchststand van 17 augustus 2002.  Toen liepen 24,8 km² van Dresden onder. Boven de negen meter zijn de Semperoper en de Frauenkirche in Dresden bedreigd. In 2013 is men met 8,76 m onder dat HQ100 objectief  gebleven maar de marge is klein. De investeringen zijn natuurlijk enorm en 50 cm meer of minder maken heel wat verschil.
Na de overstromingen van 2002 werd besloten 45 % van de bestaande dijken (548 km) te saneren. Kostenplaatje 560 miljoen €. De Nederlanders zijn al lang bezig om hun stromen hun natuurlijk overstromingsgebied terug te geven. In 2004 besloot men aan de Elbe 2.700 ha overstromingsgebieden terug te geven door dijken te verleggen (de Elberadweg passeert over die dijken en hier en daar is de weg nog omgelegd omdat die werken nog niet voltooid zijn). Daarnaast creëert men op16 plaatsen nog overstroombare polders die 178 miljoen m3 kunnen opvangen. Men overweegt de mogelijkheid dammen te maken op de bijrivieren Eger en Saale. En verder is er een intense, maar complexe samenwerking mat Tsjechië dat dammen heeft op de  Moldau, een van de grootste bijrivieren van de Elbe. Deze samenwerking verloopt vlot, ook al omdat Tsjechië er alle belang bij heeft zijn hoofdstad Praag voor overstromingen te behoeden. Maar de liberalisering van de elektriciteit maakt de zaken niet gemakkelijker: hydraulische energie kan heel snel op spitsmomenten worden ingezet en is dus potentieel heel duur. De stroomproducenten zouden dus compensaties kunnen vragen om het water preventief te lozen wanneer hoogwater dreigt.

Muhlberg, een historisch stadje dat een oponthoud waard is

Wij overnachten in Muhlberg, een historisch stadje waar Keizer Karel V de protestanten versloeg.
in1547. Titiaan schilderde hem ten voeten uit na de slag. Maar dat was een Pyrhusoverwinning.  In 1551 versloegen de protestantse vorsten onder leiding van Maurits van Saksen (die van Moritzburg, zie mijn eerste Elbeblog) de keizer in Innsbruck. In 1555 sloot Ferdinand, broer van Karel, de Godsdienstvrede van Augsburg met de protestantse vorsten. Karel V zag Augsburg als een persoonlijke nederlaag en deed in Brussel troonsafstand.
De verantwoordelijke voor het kleine muzeum van Muhlberg werkte en België en spreekt goed Frans. Het stadje heeft ook een mooi Elbehaventje. Dit dateert van 1883 toen de hoofdarm van de Elbe verlegd werd en Mühlberg niet meer direct aan de stroom lag. Dat  haventje wordt nu omgebouwd tot een marina en een industriehaven. Een omstreden reconversieproject van 2,5 miljoen €. De Elbe is slecht bevaarbaar: soms te weinig water, soms te veel. Daardoor vechten de haventjes van Torgau, Riesa en Dresden al om te overleven. De enige klant voor de haven in Mühlberg is een windmolenfabrikant die echter meestal zijn rotorbladen over de weg vervoert.
Bij het uitrijden van Mühlberg rijden wij over de mooiste Elbebrug. Bijna zo mooi als de Maasbrug van Wandre…

Torgau, waar maarschalk Koniev en Generaal Bradley mekaar ontmoetten in 1945

gevecht voor Berlijn
Door de Elbepolders rijden wij naar Torgau. Op 15 april 1945 ontmoetten hier deAmerikaanse troepen en de Russen elkaar op een kapotgeschoten brug over de Elbe. Twee verschillende monumenten herdenken dit: een van de Russen vlak na de oorlog en een van de DDR 30 jaar later.
Roosevelt, Stalin en Churchill hadden inYalta een procedure vastgelegd voor contact tussen de twee legers: de yankees zouden een groene vuurpijl afsteken en de Russen een rode.  Maar de Amerikaanse patrouille vond dat de beste manier om contact te krijgen de stars-and-stripes was en ze improviseerden een vlag op karton. De Sovjetofficier. Alexander Sylvashko was sceptisch en zond een soldaat met de naam Andreev naar een zekere Robertson die op de brug stond over de Elbe. De twee mannen groetten met de “V for Victory.” De volgende dag werd de ceremonie overgedaan met een paar dozijn soldaten van elk kamp. Ze zwoeren een eed ter herinnering van al wie zo ver niet geraakt was: “In de naam van wie op het slagveld gevallen is en die er hun leven hebben gelaten en in naam van hun nakomelingen, moet de weg naar de oorlog geblokkeerd worden!” Spijtig van hun dure eed: die soldaten gaven er zich geen rekenschap van dat de koude oorlog voor de deur stond. Marschalk Ivan Konev gaf aan Omar Bradley een prachtige hengst uit de Don; Bradley gaf hem het Legion of Merit – en ook een jeep. Marschalk Zhukov, die de slag voor Berlijn leidde gaf aan de geallieerde opperbevelhebber Eisenhower de hoogste onderscheiding van de Sovjet Unie, de Orde van de Overwinning. Eisenhower gaf aan Zhukov het erelegioen.
Klik hier om op googlebooks de dagorde van Igor (Stalin) aan Konev te lezen over het contact met de geallieerde legers.
Op andere plaatsen van de Elbe zijn ook dergelijke contacten geweest.
Torgau is precies niet erg opgezet met die historische handdruk. Niet iedereen in Duitsland spreekt over de bevrijding. Sommigen gebruiken de term ‘invasie’. In alle geval maakt het stadje meer publiciteit rond een ander monument, het Fort Zinna. In de folder over de tentoonstelling “Spuren des Unrechts” die in Fort Zinna doorgaat hebben wij 5 lijnen gevonden over de weermachtgevangenis in de naziperiode, een halve bladzijde over de ‘Sovjetische Speziallager’ die er werd ingericht na de
oorlog  en vijf bladzijden over de DDR gevangenis die er later kwam.  En alsof het nog niet genoeg is werd ook een museum gemaakt van een jeugdgevangenis, het Jugendwerkhof waar in de DDR periode jongeren die in normale jeugdinstellingen onhandelbaar bleken werden samengebracht. Deze gesloten instelling wordt voorgesteld als het summum van onmenselijkheid. De bedoeling van dat museum is in te gaan tegen de heel verspreide mening dat de opvoeding in de DDR goed was, en zelfs beter dan in het Westen. Dit museum is beslist in 1993 door de „Enquetekommission des Bundestages Aufarbeitung von Geschichte und Folgen der SED-Diktatur in Deutschland". Voor die commissie moet dit gesloten jeugdopvangcentrum (Geschlossenen Jugendwerkhof) voorgesteld worden als de "Bankrotterklärung des Systems", het failliet dus, van de DDR. Ze lopen misschien wel een beetje hard van stapel maar ze krijgen de middelen om dit in de hoofden van de mensen te stampen. Heeft het ‚nieuwe‘ Duitsland dan geen gamins de merde meer? Ik vermeld wel dat Duitsland weinig gesloten jeugdinstellingen heeft. Voor heel het land zijn er minder als in België. 
Na Torgau radelen wij verder naar Döbern heeft een clevere dominee van zijn kerk een Radfahrerkirche  gemaakt heeft. Hij telt het aantal bezoekers door hen uit te nodigen een kei in een soort plexibrievenbus te steken. 

Lutherstad  Wittenberg

De officiële naam van Wittenberg is sedert 1938 Lutherstad Wittenberg, waarschijnlijk om de verwarring met Wittenberge dat een beetje verder aan de Elbe ligt te vermijden. Hier nagelde Luther zijn de 95 stellingen op de deur van de slotkerk: een scherp protest tegen de handel in aflaten en tegen de wantoestanden in de katholieke kerk.
Op de toren van de slotkerk “Ein feste Burg ist unser Gott”, titel van een psalm van Martin Luther. Friedrich Engels noemde die psalm de „Marseillaise van de boerenoorlog van 1525”. 100.000 opstandige boeren stierven met dit lied op hun lippen.  Een andere Martin Luther King schreef zijnversie. Ik heb wat moeten zoeken om een strijdvaardige uitvoering te vinden en mijn prijs gaat naar een Poolse film.
Meer op http://hachhachhh.blogspot.be/2012/12/la-marseillaise-de-la-guerre-des.html
Volgens Engels gaf Luther in Wittenberg “het sein tot de beweging die alle standen in haar draaikolken zou meeslepen en het hele rijk op zijn grondvesten zou doen schudden. Zijn stellingen werkten als een vonk in een kruitvat. De talloze tegenstrijdige doeleinden, zowel van de ridders als van de burgers, van de boeren en de plebejers, van de op macht beluste vorsten en de lagere geestelijkheid, werden daarin vóór alles op een gemeenschappelijke wijze tot uitdrukking gebracht en zij schaarden er zich met een verbazingwekkende snelheid achter. Adel en burgerij schaarden zich zonder voorbehoud om Luther; boeren en plebejers vormden, zonder nog in Luther een directe vijand te zien, een afzonderlijke revolutionaire oppositiepartij, onder leiding van Thomas Munzer. Luther en Münzer bestreden elkaar zowel in de pers als vanaf de kansel, zoals ook de grotendeels uit lutherse elementen bestaande legers van de vorsten, ridders en steden de troepen van de boeren en plebejers versloegen”. Voor meer uitleg over Thomas Münzer moet je wachten op mijn blog over het panorama van die Boerenoorlog in Frankenhausen, die wij op onze weg naar de Elbe bezochten.
Luther probeerde de doos van Pandora die hij opende terug te sluiten en veroordeelde de boerenopstand: «men moet ze in stukken kappen, hen verstikken, hen kelen zoals dolle honden! ".
Ook de Nederlandse communist Theun de Vries schreef mooie pagina’s over Luther“Marx noemt Luther zelfs ‘de eerste Duitse econoom’. Luther was streng over de gilden. De onvrijheid van de kleine ambachtslui in de Duitse steden had het gilde-apparaat uitgehold en van zijn zin beroofd. Luther, de zoon van een mijnwerker, heeft het als grote onrechtmatigheid gevoeld dat de gildemeesters tegenover hun minderen een onwrikbaar monopolie uitoefenden, en dit bestreden. Hij eiste in verschillende preken uit de jaren 1524 en 1525 toelating tot ieder handwerk ook voor de laaggeborenen, zelfs voor bastaarden, en stond vooral op de rechten van de gezellen. Tegelijk heeft hij zich verzet tegen het andere uiterste: volledige ambachtsvrijheid. Hij voorzag terecht dat de rijken hun macht in het gilde en hun dienovereenkomstige invloed ten nadele van de zwakken zouden misbruiken. Dit soort meningen van Luther omtrent arbeid en beroep worden in de geschiedenis van de staathuishoudkunde wel beschouwd als fundamenten voor wat men later de theorie van de arbeidswaarde zou noemen. In dit opzicht heeft Marx aan Luther de lof gegund die hem toekwam: Calvijn juichte het winstprincipe toe; zijn volgelingen in Genève, de Nederlanden, Engeland en later Noord-Amerika waren onbezweken bouwmeesters van het moderne kapitalisme”.
Voor het opdoeken van die gilden zal men moeten wachten tot de Franse revolutie. In de 19de eeuw probeert de katholieke kerk het gildeidee terug op te peppen met ‘Rerum Novarum’. Maar het gildeidee wordt – terecht – geassociëerd met Mussolini en de laatste Gildehuizen in Vlaanderen zinken weg met het Arco-schandaal.
Wij leren bij de Vries ook dat “het stadsbestuur van Wittenberg, onder leiding van burgemeester Lukas Cranach, een nieuwe stadsordening schiep. Volkstumulten tegen priesters die aan de oude Kerk vasthielden en beeldenstormen begeleidden de ommekeer en de vernieuwing. Luther zelf daalde van de Wartburg af en keerde naar Wittenberg terug om er de orde te herstellen. Hij joeg de radicalen wegens hun extreem-reformatorische propaganda onder de laagste klassen uit de stad.
In de Hervorming bestond bijna van het begin een ‘linkervleugel’ met Thomas Müntzer, een ‘volkstheoloog’ van ongemene sociaal-religieuze geestdrift”. (Theun de Vries, Ketters. Veertien eeuwen kettergeloof, volksbeweging en kettergericht. Em. Querido's Uitgeverij, Amsterdam 1982 ).
Over vader en zoon Cranach liepen er juist verschillende tentoonstellingen in Wittenberg. Zij waren namelijk ook verdienstelijke schilders. Vader Cranach heeft een stijl die gelijkloopt met Dürer. Het altaar in de Stadtkirche St. Marien waar Luther predikte is van Lucas Cranach. Verder heeft Wittenberg naast het Lutherhaus de CRANACHHÄUSER en de CRANACHHÖFE. Die burgemeester Cranach moet een interessante persoonlijkheid zijn geweest, niet alleen als schilder, maar ook op het vlak van stadbestuur.
Voor Luther gaat het crescendo tot 2017, het Lutherjaar. In afwachting was 2015 het Cranach-jaar met een tentoonstelling over Cranach de Jongere.
Maar ook de Lutherin’ Katharina van Bora wordt niet vergeten. Katharina van Bora heeft haar standbeeld voor het Lutherhaus. En Cranach portretteerde haar verschillende keren. In 1515 had zij haar geloften als non afgelegd. Bij de ontdekking van de eerste geschriften van Luther besloot ze samen met andere nonnen uit het klooster te treden. Ze vroegen Luther om hulp, en die stuurde op Goede Vrijdag 1523 een wagen waarin Katharina von Bora en twaalf andere nonnen, verstopt achter visvaten, ontsnapten. Luther vond een man voor elf van de nonnen, maar met Katharina van Bora was  het moeilijker. Toen zij het voorstel van Luther om te trouwen met een zekere ­Kaspar Glatz weigerde, omdat zij »keine Lust und Neigung zu ihm« had, schimpte Luther: »Welke duivel wil je dan wel hebben!« Maar ze viel juist op hem, en hij erbarmde zich over de laatst overgebleven non en trouwde in het huis van zijn vriend en medestrijder Cranach. Later zei Luther: »Käthe is het beste wat God mij kon geven!« De Lutherin heeft in het brandpunt van de godsdiensstrijd gestaan. De katholieken vielen Luther aan die met een ex-non samenleefde. De protestanten voerden een ideologisch tegenoffensief waarbij zij de liefde tussen die twee naar voor schoven. En het moet gezegd dat de verhouding tussen die twee voor hun tijd zeer modern en open was. Katharina was ook een ondernemende vrouw: ze wist een boerderij, een brouwerij en een viskwekerij in een Elbe-arm te combineren met een talrijk nageslacht.

De Hundertwasserschule

Wittenberg  roemt zich op zijn Atheneum, dat – hoe kon het ook anders – naar Luther genoemd is.  Maar dat is de reden niet: het is een van de laatste projecten van de extravagante architect Hundertwasser. Wij kwamen die al tegen in Wenen. Zie hiervoor mijn blog. Wij bezochten ook het Hundertwasserhaus in Magdeburg; dit is voor een volgende blog.
De artiest heeft de opening van de school niet meer meegemaakt: hij stierf in februari 1999. Zijn ‘Hundertwasserschule’ heropende een paar maand later in mei.
In het gebouw bevonden zich oorspronkelijk twee polytechnische secondaire scholen, de  Erich Weinert en de Hans Lorbeer school. Na de Wende werden die opgedoekt en vervangen door het Martin-Luther-Gymnasium. Deze scholen waren een Plattenbau van het type Erfurt 2. De DDR heeft 2500 scholen nieuw moeten bouwen. Einde 1988 waren er in de DDR 5900 scholen. Heel snel werd de bouw ervan gestandardiseerd. Vanaf half de jaren zestig werden van het Type Erfurt TS in H-vorm 500 scholen gebouwd: het Baukombinat Erfurt was voor de scholenbouwplanung in de hele DDR verantwoordelijk. Die gebouwen hadden grote vensters, die veel licht binnenlieten, maar in de zomer te warm en in de winter te koud waren.  Ze waren slecht geisoleerd, maar dat kan men van veel Europese gebouwen uit die tijd zeggen.
Na de Wende zei men dat de twee vroegere polytechnische secondaire scholen op niets trokken. Men viseerde met de kritiek op de Plattenbau eigenlijk heel het DDR systeem, wat toch een beetje kort door de bocht was.
In april 1993 besliste het schoolparlement van het toenmalige ‘Martin-Luther-Gymnasium’ om Hundertwasser te contacteren. Die artiest is met zijn kritiek op de ‘rechte lijn’ natuurlijk de ideale kapstok om de kritiek op de DDR Plattenbau aan op te hangen. Zelden wordt vermeld dat Friedensreich Regentag Dunkelbunt (dat waren zijn voornamen) ook Loos kritikeert, en die Loos was dan toch de grondlegger van de Sezession in Wenen, beter gekend bij ons als Jugendstil.  Onze artiest reageert entoesiast en voor de verbouwing wordt een vereniging ‘Förderverein Hundertwasser des Martin-Luther-Gymnasium’ opgericht, die lobbyt om het project te doen aannemen. De vereniging verzamelt ook gedurende vijf jaar de nodige fondsen, want de stad Wittenberg had het geld niet. De Förderverein haalt een half miljoen € op bij sponsors en particulieren, een twintigste van het totaal budget van 10 miljoen €. Het Land Sachsen-Anhalt heeft het grootste deel opgehoest en zag duidelijk heel het opzet als een city-merchandising operatie. Hundertwasser zelf drukte 5.000 stuks van een "Baustein" eenkunstdruk die aan 150 DM verkocht werd.
Die associatieve dynamiek aan de basis van de school is er nog. Men wordt er rondgeleid door twee leerlingen die om beurten het onthaal doen. Het was moeilijk uit te maken als die associatieve dynamiek ook parallel is gegaan met de ontwikkeling van een zeker elitisme…
In zijn welkomstwoord bij de lancering van het project in 1995 zei Hundertwasser: ‘de kinderen verbrengen hun kostbaarste tijd, hun jeugd en ontwikkelingsjaren, in gebouwen die gelijken op gevangenissen of op elkaar gestapelde kippenhokken, waarin de ziel van het kind ten onder gaat met alle slechte nevenwerkingen voor onze maatschappij: eigen dromen en scheppingskracht worden in die autoritaire gevoelskoude opvoedingsinstellingen in de kiem gesmoord’. Men interpreteerde dat natuurlijk als een kritiek op de ‘typische DDR ideeënloze Plattenbau’, die in feite een functionele architectuur is zoals overal in West Europa.
Maar de clou is dat die ‘kippenhokken’ van binnen gebleven zijn wat ze waren. Aan de binnenstructuur is niets veranderd. Eerst en vooral omdat het budget te klein was om binnen veel te veranderen. Maar ook omdat Hundertwasser zonder schroom erkende dat hij aan "verkleedarchitectuur"deed. Men begint vandaag het ‘façadisme’ te kritikeren: van een gebouw alleen de façade houden en erachter iets helemaal nieuws optrekken. Hundertwasser deed veel omgekeerd façadisme: de buitenkant van een gebouw aankleden maar aan de structuur niets veranderen.
Onze artiest heeft dus niets veranderd aan de structuur van het gebouw. Hij brak een paar verdiepen gedeeltelijk af, om de balkvorm visueel te breken; hij imiteerde daarin de franse architect Roland Castro die over heel Frankrijk zo HLM’s heeft ‘gerehabiliteerd’.
En hij verbouwde een beetje de trappen, om ze een uitgesleten uitzicht te geven. Deze trappen maakten deel uit van zijn trukkendoos.
Toen het gebouw bijna af was stelde een van de sponsors vast dat dit niet kon: binnen was niets veranderd! “Auszen hui, innen pfui”. Er was geen geld voor de binneninrichting? Hij gaat er sponsors voor zoeken, zoals  Alkor Draka van Solvay of Resopal of Alligatorverf. Die sponsors hebben natuurlijk overal hun naamplaatje achtergelaten. Maar vooral: wat men van binnen ziet is geen Hundertwasser, maar een samenraapsel van gesponsoriseerde projectjes.
Hundertwasser sprak over de ‘Bewaldung’ of bebossing van de daken maar de paar bomen die er groeien zijn berken, pionniersbomen met heel oppervlakkige wortels. Het grootste deel zijn vetplanten die kunnen overleven in de extreme droogte op een laag humus van een paar centimeter. Hij voorzag ook hier onder zijn vensters ruimte voor zijn "Baummieter", boomhuurders, "een geschenk van het huis aan de buitenwereld. De mens geeft vrijwillig een territorium van zijn woonruimte aan de natuur terug, als compensatie voor de grote ruimten die aan de natuur onttrokken zijn", zei hij in 1985. Ik moet erkennen dat die boompjes in goede gezondheid zijn, wat niet overal het geval is. En de bakken waarin ze geplant zijn tonen geen spoor van schimmel of vochtplekken, wat voor de auteur van het ‘schimmelmanifest’ atypisch is. Schimmels waren voor hem een teken van leven.
Voor de rest is het gebouw een mooi staal van zijn trukken, zoals zijn bonte gevels met veel hoeken en bogen en zijn vergulde ajuintorentjes. Veel pilaren heeft hij niet kunnen gebruiken: die ceramiek was waarschijnlijk te duur voor het magere budget. Waar hij kon maakte hij zijn vensters kleiner naarmate ze hoger stonden om een perspectief te scheppen. Hier heeft hij wat moeten spelen met de
bestaande vensteropeningen want de structuur veranderen was te duur. Functionnaliteit mag je hem niet vragen. Hij zegt dat hij daartegen is. Zijn terras dat hij voorzien had om les te geven kan voor die functie niet gebruikt wegens het verkeerslawaai. En zijn begroeide daken waar hij hoopte biologieklassen te laten werken zijn om veiligheidsredenen niet toegankelijk.
De ecologische impact van Hundertwasser beperkt zich tot een bont en spectaculair uitzicht: warmteverbruik en isolatie, sanitair, interesseerde hem niet. Zijn persoonlijke ecologische voetafdruk was trouwens enorm groot. In de zeventiger jaren kocht hij in Nieuw Zeeland 372 ha, een hele vallei. Zijn dood echter was ecologisch perfect: hij is gestorven aan een hartaanval in februari 2000 op de "Queen Elizabeth 2"  en in Nieuw Zeeland begraven zonder doodskist, naakt in zijn "Koruflagge", een vlag waarmee hij de Nieuw-Zeelandse vlag wilde vervangen.  Hij zou slechts schulden nagelaten… Als er al een ecologische voetafdruk was is die daarmee uitgewist…
Voor de rest heeft onze artiest wel sympathieke stellingen, zoals "Hatelijkheid is het gevaarlijkste gif voor het milieu, want het vernietigt de ziel van de mensen

Luther-Melanchthon-Gymnasium of Hundertwasserschule?

In 2006 werd het Martin-Luther-Gymnasium samengevoegd met het Melanchthon-Gymnasium dat zich in het historisch hart van de stad bevond.Het heet nu dus officiëel  Luther-Melanchthon-Gymnasium of LuMe. Maar heel dikwijls gebruikt men de term Hundertwasserschule. Wat in de communicatie een beetje verwarrend is. De school blijft ook uiterst discreet over de twee vroegere polytechnische secondaire scholen waar zij de opvolger van is, de  Erich Weinert en de Hans Lorbeer school. Op internet vindt men nog een paar referenties naar groepen van oud-leerlingen, maar voor de Hundertwasserschoool is het alsof die niet hebben  bestaan. Wie zijn verleden negeert heeft geen toekomst?
Die weigering om het verleden onder ogen te zien is een algemeen verschijnsel. Op het eerste gezicht is er nietsgebeurd: 53 Hochschulen in de DDR, 50 vandaag in de nieuwe Länder. Maar slechts 23 Hochschulen zijn verder gegaan in het nieuwe systeem, 30 hebben de Wende niet overleefd, en zijn nieuw opgericht, meestal als Fachhochschulen, die men in de der DDR niet kende. En die beslissingen werden genomen door een Wessie uit Keulen. Een aantal zijn privé scholen. "Eine kritiklose Kopie angelsächsischer Hochschulen", wierpen een aantal studenten die Wessie onlangs voor de voeten.
Ik heb wel teruggevonden hoe het Melanchthon gymnasium bijvoorbeeld in de DDR tijd georganiseerd was. Er waren zes tot zeven uur les per dag, ook op zaterdag. De leerlingen werden ook ‚in de productie gebracht. Twee maal per week stond een uur „Inleiding in de socialistische productie“ op het leerplan. Om de 14 dagen was een „Unterrichtstag in der  Produktion“ waar de leerlingen in kleine groepen in een bedrijf een aantal uren werkten. Vanaf de elfde klas werd die dag vervangen door „Wissenschaftlich-Produktive Arbeit“ eenmaal per week, vier tot zes uur, in verschillende bedrijven. Deze fabrieken hadden „Patenbrigaden“ per klas. Deze waren aanwezig op feestelijkheden in de school en bepaalde geëngageerde brigaden organiseerden groepennamiddagen, steunden financieel klasfeestjes of zorgen voor begeleiders bij schoolreizen. In de zomer was het FDJ-Hemd (Freie Deutsche Jugend) verplicht. In iedere klas was een FDJ-Gruppe, Op een appel voor de hele school legde de directeur de politieke situatie uit, en vermelde ook soms scholieren die niet meer naar school kwamen omdat hun familie in de Bondsrepubliek naar de ‚Klassenvijand’ was overgelopen.

Hundertwasser en de volkstuincultuur

In 1981 verheerlijkte Hundertwasser de Schrebergarten-Kultur (volkstuinen), waarin dezelfde persoon bouwheer, bouwmeester, metser, tuinman en bewoner is. Schreber ijverde in de 19de eeuw om in elke school een tuintje te hebben. De volkstuinbeweging heeft zijn naam overgenomen. Rond Wittenberg zijn 3.000 volkstuintjes, op verschillende plaatsen. Het is niet altijd gemakkelijk om als niet-lid binnen te geraken, maar vlak achter ons hotel zijn een aantal tuintjes gemakkelijk te zien ‘Am Stadtgraben’ in de Weserstrasse.
In mijn volgende blog bezoeken wij de Piesteritzer Werkssiedlung, een sociale woonwijk gebouwd in 1916, in volle oorlog. En verder bezoeken wij het worlitzer gartenreich, een prachttuin. Het Parklandschap Dessau-Wörlitz is in 2000 op de werelderfgoedlijst van de UNESCO geplaatst, 142 km2 langs de oevers van de Elbe in het natuurgebied Mittelelbe. En tenslotte bezochten wij in Dessau het  Bauhaus een baanbrekend ontwerp van Walter Gropius. Het gebouw uit 1925 oogt nog altijd verrassend modern.


lundi 3 août 2015

De Elberadweg van Radebeul tot Riesa

Vanuit Radebeul vertrokken wij onder een gietende regen naar Meissen, langs de Weinroute, het Schloss Wackerbarth voorbij en een aantal kilometers tussen de wijngaarden. Die wijnroute loopt min of meer parallel met de Elbaradweg: wie die druivenvelden beu is kan de elberadweg vervoegen door naar beneden te rijden.
Van Radebeul naar Meissen is maar een kleine etappe, om de benen wat los te maken.
Vijf kilometer voor Meissen passeren we het wijndorpje Sörnewitz met een botanische tuin op de flanken van de Boselspitze, de hoogste top van het Spaargebirge. Stel ja daarbij niet te veel voor: die hoogste top is 183 meter. Onze Kemmelberg is er 154. Het ‘gebergte zelf is maar een molshoop met wel een paar mooie wijngaarden op de zuidflanken.
In Meissen huist het Winzergenossenschaft.
De coöperatieve telt 1.500 hobbywijnboeren die hun oogst in Meißen aan de Kellermeisterin Natalie Weich toevertrouwen.

Meissen: een porceleinfabriek en een porceleinkerk

In Meissen bezochten wij de porseleinfabriek. In 1903 ontworp onze HENRY VAN DE VELDE zijn  Meißener PEITSCHENHIEB Service in twee versies: kobaltblauw en mat goud. PEITSCHENHIEB = zweepslag. De coup de fouet van de Art Nouveau. Die kun je vandaag nog vinden voor 20.000 euro. Die fabriek is iets unieks, maar de toerist heeft enkel toegang tot een reeks verkoopzalen die de toeristen met bussen tegelijk opwachten. Een supercommerciële aangelegenheid en voor mij niet direct een aanrader.
Maar wie porselein wil zien raad ik een bezoek aan het Nikolaikirche aan, vlakbij de fabriek. Die kerk wordt terecht ook de porceleinkerk genoemd. Na de eerste Wereldoorlog heeft de artistiek directeur van de Staatsporseleinfabriek die omgebouwd tot een uniek gedenkteken voor de slachtoffers van de oorlog, met grote beelden uit Meissenporselein (2m30!) en ook porseleinen bordjes met de namen van 1.800 gesneuvelde soldaten van de stad. In 1950 werden de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog toegevoegd, met ook de mensen uit concentratiekampen die in het stadje overleden zijn. Sinds de jaren 1990 probeert de parochie tot dusverre naamloze slachtoffers op te nemen in een boek van herinnering. De polyptiek achter het altaar van de hand van de kunstenaar Klaus Urbach herdenkt alle slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. De pastor van het kerkje Bernd Oehler is ook voorzitter van "Buntes Meißen", wat voor mij een referentie is. In het kerkje hebben ook geregeld antifascistische herdenkingen plaats.

Gierveren en laagwater

Op een terrasje op de markt van Meissen praatten wij met een Australisch koppel die op cruise waren op de Elbe. Maar hun boot lag al dagen aan wal in Maagdenburg omdat het waterpeil van de Elbe ondanks de geringe diepgang van die cruiseschepen – 35 centimeter – te laag was. Men vreesde zelf dat de gierveren die om de tien kilometer de overtocht mogelijk maken niet verder zouden kunnen functioneren. Maar dit gevaar was na de overvloedige regen van s’morgens iets geweken. Er zijn in de bovenloop van de Elbe een aantal stuwdammen, maar die worden – na de stroomproductie - vooral ingezet voor het waterbeheer in geval van overstromingsgevaar, maar bijna nooit om laag water te compenseren.
Die gierfähre zijn een verhaal apart. Het octrooi is in april 1600 door de Staten-Generaal van de Verenigde Nederlandse Provinciën toegekend aan Pieter Gabriels Croon uit Zegwaard. De Nijmegenaar Heuck was de eerste die op basis van het principe van de gierpont een dagelijkse verbinding over een rivier verzorgde. Van 1657 tot 1928, dus meer dan 270 jaar, zorgde een gierpont bij Nijmegen voor de verbinding over de Waal. De Duitsers hebben dit principe nu overal toegepast op de Elbe. Zeer ecologisch, want de pont gebruikt enkel de energie van de stroom.  Een kleine zonnecel geeft stroom voor het transistorradio’tje van de veerman.
Hoe werkt nu zo’n gierpont? Aan weerszijden van de veerpont, aan de kant waar de stroom vandaan komt, zitten twee kabels die samengeknoopt zitten aan de ‘giertoom’ die een rij bootjes verbindt. Het bootje dat het verst weg is, is midden in de rivier aan de bodem verankerd. De bootsman kan door aan een wiel te draaien de verbindingskabel die het dichtst bij de overkant zit korter maken (en de andere langer) waardoor de pont scheef ten opzichte van de stroom komt te liggen. Het rivierwater moet om de pont heen. Door de stand ten opzichte van de stroomrichting moet een deel van het water afgebogen worden in een richting evenwijdig aan de pont. De pont oefent dus een kracht uit op het water.

Tussen Meissen en Riesa: het haus Elbe van Leopold III

Vanuit Meissen rijden wij naar Seuschlitz, een van de laatste Saksische wijndorpjes. Aan de overkant van de Elbe het kasteel van Neuhirschstein, waar Leopold III van juni 1944 tot maart 1945 werd ‘gegijzeld’. Het kasteel was voor dit doel al gereserveerd sinds oktober 1943. 150 krijgsgevangenen werden ingezet om het kasteel voor Leopold en zijn familie klaar te maken. Volgens Kiewitz, de Duitse verbindingsofficier bij Leopold III, zou de prinses van Rethy, geb. Liliane Baels, zich beklaagd hebben bij de Führer: “haar echtgenoot, de koning, voelt zich in Haus Elbe, dat in weerwil van het comfort en de keurige smaak van de binnenhuisinrichting toch een sombere indruk maakt, voor de uitgebreide huisgemeenschap niet toereikend is en in een eentonige landstreek staat, nu al uiterst ongelukkig. Zij vreest dat hij er spoedig zwaarmoedig zal worden, iets waartoe hij wegens zijn blijvend ongeluk in het leven zonder dat al geneigd is. In het bijzonder kwelt hem de in het oog vallende politiemaatregel die hij des te minder verdient als hij loyaal staat ten opzichte van de Führer en zijn eigen lot evenals dat van de zijnen vol vertrouwen in diens handen heeft gelegd”.
Om de Elbe “een eentonige landstreek” te noemen moet je Liliane Baels heten! De Leopoldist R. Delmarcelle beweert in ‘La captivité de la familie royale’, verschenen in 1950, dat de prinsen voor hun spelen slechts over een „petit enclos" beschikten. Volgens J. Pirenne, die het waarschijnlijk van de koning zelf vernam, was Haus Elbe door een park van 3 ha omgeven. Van een ‘petit enclos’ gesproken…
 In Hirschstein waren ze met achttien: koning Leopold, prinses Liliane, de vier kinderen, het gevolg van de koning (du Pare, Weemaes en Gierst) en negen leden huispersoneel. Met drie hectaren moet het mogelijk zijn mekaar niet voor de voeten te lopen.
De ‘in het oog vallende politiemaatregel’ zou volgens Baels slaan op een bewaking door de SS in plaats van door de Wehrmacht. Ook daar blijkt Baels uit een streek te komen waar overdrijven niet liegen is: volgens de vertrouweling van de koning Georg Furstenberg  bestond de bewaking uit tien oude SD mannen (Sicherheitsdienst). Nu, die SD was eigenlijk wel een afdeling van de SS en werd op het proces van Neurenberg naast de SS en de Gestapo als een criminele organisatie veroordeeld.  
Leopold III beweerde zelf dat hij 7 juni 1944 toen hij, op weg naar Duitsland, vernam dat zijn gezin hem mocht vergezellen, als krijgsgevangene geen bevoorrechte behandeling verlangde. Dit is wel in tegenspraak met de vraag voor een „waardiger onderkomen" in een villa te Strobl in Tyrool…
Kiewitz is de belangrijkste bron in dit verband en hoewel hij een fantast is blijven zijn getuigenissen interessant doordat hij zichzelf voorturend tegenspreekt. 
Kiewitz hadop bevel van Himmler de koning had overgebracht naar Hirschstein. Hij beweert dat hij zich bij Hitler beklaagde over de behandeling van het koninklijk huis in Hirschstein en prompt in een Sonderkommando voor de partizanenstrijd aan het Oostfront werd ingezet. In de boodschap van Kiewitz aan Hitler lezen we: “De Führer gelieve evenwel in aanmerking te nemen, dat hij zich hem als staatshoofd en generaal van het Belgisch leger vrijwillig op erewoord krijgsgevangen gemeld heeft. Daarom vraagt hij, de thans kennelijk tegen hem getroffen scherpe politionele voorzorgsmaatregelen ongedaan te maken en hem zoals vroeger een militaire bewaking evenals een officier van de Duitse Wehrmacht toe te staan. Hij veronderstelt dat zijn te allen tijde loyale houding ten opzichte van de Führer alsook de aanwezigheid van zijn gezin wel ieder vermoeden van een bedoeling tot vluchten uitsluiten. Zijn eigen bewegingsvrijheid evenals die van zijn verwanten zijn in de gegeven omstandigheden in Haus Elbe aanzienlijk ingekrompen. Hij hoopt daarom dat de Führer hem een andere verblijfplaats in het Rijksgebied, zo mogelijk in de Alpen, zal aanwijzen".
Kiewitz zou de Führer verzocht hebben om de koninklijke familie een „waardiger onderkomen" in een villa te Strobl in Tyrool te bezorgen. Een verbaasde Hitler reageerde met de vraag: waarom besloot Himmler voor Hirschstein en niet voor Strobl? Hij zou de kwestie nader met de Reichsführer-SS bespreken, beloofde hij. Intussen gaf hij Kiewitz opdracht naar de koning te Hirschstein terug te keren en (wij citeren letterlijk) „dites-lui que je regrette qu'il soit mécontent de Hirschstein".
Dit verhaal wordt bevestigd door Canaris die in 1945 als krijgsgevangene ondervraagd werd in een Brits Interrogation Center: in juni 1944 was Kiewitz Hitler te Berchtesgaden gaan opzoeken „pour lui dire qu'il (de koning) n'était pas heureux où il se trouvait et préférerait un château quelque part dans la montagne’. Hitler zou geantwoord hebben: ‘Pourquoi l'avez-vous amené à cet endroit ? Cela n'était pas nécessaire !’
Het is dus niet deze tussenkomst die Kiewitz in het Sonderkommando heeft gebracht. Hij werd verdacht van medeplichtigheid aan de mislukte staatsgreep van von Stauffenberg. Een paar maanden later kwam hij al vrij. Maar Himmler degradeerde Kiewitz die werd ingelijfd in de beruchte SS-strafeenheid Dirlewanger en ingezet aan het front ten oosten van Berlijn waar hij op 29 april, enkele dagen vóór het einde van de oorlog, zijn rechterarm en -schouder verloor. De Russen hielden hem tot 19 september gevangen. Als grootinvalide kwam hij in een Brits interneringskamp terecht. Begin december verbleef hij enkele dagen te Brussel voor verhoor als getuige. Na zijn invrijheidstelling werd hij als Opfer des Faschismus erkend. Kiewitz overleed in januari 1965.

Het Noedelcenter in Riesa

We laten dus het Elbehaus van Leopold waar het is, aan de overkant van de Elberadweg en wij komen weldra aan in Riesa. Daar deden wij nog een dosis Ostalgie op in het Noedelcetrum. Wie de noedelfabriek wil bezoeken kan best oversteken via het pontje juist voor de stad, en dan naar de linkeroever verderrijden tot in Gröba en juist voorbij de spoorweg naar boven rijden. Ik verwittig wel: je komt terecht in een industriezone. Op weg naar de noedelfabriek passeerden wij wat overblijft van Stahlwerk Riesa. In 1989 werkten daar nog 12.500 mensen. Bij de overnemer Feralpi blijven er zeshonderd over, voor 1.4 miljoen ton electrostaal.
In Riesa is het aantal inwoners gedaald van 50.000 tot 34.000. Deze bevolkingsvlucht is voor de hele DDR het geval.
Het Nudelmuseum is een succesverhaal voor Riesa.  
In de jaren 50 was de Teigwarenfabrik Riesa de grootste noedelfabrikant van de DDR met een jaarproductie van 12.000 Ton. Wat is het verschil tussen noedels en pasta? In  noedels zitten eieren.  In 1987 nog werd de productie met 50 % opgedreven. Maar na de Wende werd de fabriek door de  Konsumzentrale in september 1992 stilgelegd. Eigenaardig genoeg werden de Konsum-cooperatieven na de Wende als privaatondernemingen beschouwd en vielen dus niet onder de Treuhand, het organisme de de publieke ondernemingen moest privatiseren. Een aantal van die Konsum-cooperatieven bestaat nog en een aantal grootwarenhuizen dragen nog het merk Konsum. Het is dus een DDR coöperatieve die besluit de fabriek te sluiten.
Een paar maand later, begin 1993, diende een overnemer zich aan: de Wessie „ALB- GOLD Teigwaren “. Onder het motto „Volle Nudelkraft voraus“  nam het bedrijf een doorstart.  Vijf jaar later was Teigwaren Riesa GmbH Marktführer met een marktaandeel van 30% in de ‘nieuwe landen’en een behoorlijk marktaandeel in de rest van Duitsland.
Het bedrijf diversifieert zich met sausen, „Wok-Nudeln“ en „Kids-Pasta“. In 2003 opende dan het „Nudelcenter“ met zijn ‚Gläsernen Produktion‘: geen geheimen voor de bezoekers voor wie de fabriek een glazen huis wordt.
Het Nudelmuseum speelt in op de ostalgie en in het restaurant „Makkaroni“ kan men lekkere noedelschotels verkrijgen op elk uur van de dag. Verder is er een winkel Nudelkontor en worden noedelworkshops georganiseerd.
Teigwaren Riesa is ook de hoofdsponsor van BSG Stahl Riesa, de opvolger van de Betriebssportgemeinschaft uit de DDR-tijd. De ploeg speelt in de nieuwe Nudelarena in het  Merzdorfer Park. BSG Stahl speelde 16 jaar in de DDR-Oberliga. Nu is de ploeg in de  Sachsenliga. 
En als kers op de taart is er ook een Sächsische NUDELKÖNIGIN of Miss Noedel. Il faut le faire: une nouille is bijna een scheldwoord, en erin slagen om dat te associëren met een Miss. Dat is pas marketing! Vandaag stelt het bedrijf 150 mensen tewerk.
Onnodig te zeggen dat het noedelcenter een hoog ostalgiegehalte heeft.
Amazon  verkoopt Riesa Spirelli  als „++ DAS Ostprodukte Geschenk - DDR Traditionsprodukt und Ossi Kultprodukt - Geschenkidee für alle Ostalgiker aus Ostdeutschland vom Ostprodukte Experten“.  Amazon presenteert zich als DE „Geschenkespezialist & Spezialist für DDR-Produkte ++ Deutschlands Nummer 1 für Ostalgie ++ „. En de noedels zijn heus niet het enige ostalgieproduct: Marktonderzoeksbureau GfK deed een marktonderzoek naar de 40 meest succesvolle merken uit het vroegere Oost Duitsland (nu vrijwel uitsluitend onder de West-Duitse leiding). Sinds 2007 heeft de helft zijn omzet in Duitsland vergroot zoals Bautz'ner, Hasseröder’, de melkproducten ‘Sachsenland’‚Wurzener’ (Knabberartikel). De verkoop van die merken in het Westen groeide met ongeveer 34 procent in 2007 tot circa 42 procent in 2014. In het oosten kromp het marktaandeel van 66,3 procent in 2007 tot 58,4 procent nu.
Verder zijn er voor ostalgiekers de Altenburger Senf, Geha Knödelmehl, WernerKartoffelpuffer, Rondo Kaffee, Bodeta Bonbons of Zetti Knusperflocken. De Halloren Schokoladenfabrik GmbH in Halle – de Kinder van Oost Duitsland - stelt 130 mensen te werk en draait een omzet van 30 miljoen Euro waarvan 20 % in het westen. 
Sektkellerei Rotkäppchen in Fryburg an der Unstrut heeft als einige nog een Ossie als directeur, maar die is minderheidsaandeelhouder.
Van de hype "Made in Oost-Duitsland" profiteert ook de "Nivea van het Oosten" Badusan, de Herbacin-Wuta huidverzorging. Het bedrijf Florena Cosmetic GmbH, 350 werkplaatsen, 63 miljoen euro omzet is sinds 2002 van Nivea. Maar Sachsen produceert vandaag 25 procent van de omzet van de niveaproducten, met o.a. 150 miljoen staaltjes.

In 1990 ging de helft van de Oost-Duitse brouwerijen op de schop door het feit dat zij niet aanwezig waren in de nieuwe grootwarenhuizen et of doorspeculanten ‘Pleite’ gingen . Het beste DDR-Bier was de "Radeberger" die vandaag terug is van weg geweest. Daarna slaagden Wernesgrün, Bad Köstritz, Wernigerode en Lübz erin een deel van het terrein terug te winnen. Het moet wel gezegd dat de brouwerijen in Oost Duitsland geen voorkeursbehandeling kregen bij de toewijzing van de grondstoffen en niet altijd bier konden brouwen met gerst of tarwe. ,Bij amazon kun je een geschenkpakket bestellen met bier “held van de arbeid”.

En bij je Radeberger bestel je natuurlijk een typische Spreewaldkomkommer. De Spreewälder Konserven Fabrik  draait vandaag terug op volle toeren.

Een bezoek aan het noedelcenter is dus een aanrader voor de Elbefietser. Een pastaschotel in het Makkaronirestaurant is ook goed meegenomen. In mijn volgende blog rijden wij over Torgau en Wittenberg tot Dessau.